Info

Afdrukken

Vitaminevergiftiging - anti-oxidantia

Vitaminevergiftiging Voor een beperkt aantal vitaminen (A en D) is bekend dat een te hoge inneming gezondheidsrisico's oplevert.
Zo zijn er belangrijke aanwijzingen voor de relatie hypervitaminose A en teratogeniteit (afwijkingen aan de foetus). In dit kader wordt zwangere vrouwen afgeraden lever en leverproducten omwille van hun hoge vitamine A-gehalte te eten. Bovendien moeten zij uiterst voorzichtig zijn met vitaminesupplementen met vitamine A.

In het algemeen kunnen de in water oplosbare vitaminen (vitamine C en de vitaminen van het B-complex) zonder problemen in grote hoeveelheden (50 tot 100 maal de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid) worden ingenomen, met uitzondering van vitamine B6.

Een teveel aan vitamine C of aan de vitaminen van het vitamine B-complex verlaat het lichaam weer via de ontlasting of de urine. Hoge doseringen vitamine C kunnen bij sommige mensen wel een mild laxerend effect hebben. Mensen met een verhoogde kans op nierstenen kunnen beter geen hoge doseringen vitamine C gebruiken, omdat er aanwijzingen zijn dat deze de kans op nierstenen zouden kunnen vergroten. Hoge doseringen foliumzuur (meer dan 1 mg) worden als ongewenst beschouwd omdat hierdoor een tekort aan vitamine B12 kan worden gemaskeerd.
Anti-oxidant activiteit van vitamines Een aantal vitaminen blijkt antioxidanteigenschappen te bezitten, met name vitamine E, C en beta-caroteen (pro-vitamine A).

Antioxidant vitaminen beschermen labiele eiwitten en lipiden in de celmembranen en spelen een rol bij het wegvangen van reactieve zuurstofdeeltjes ('radicalen') die in weefsel/cellen worden gevormd als bijproduct van de 'normale' stofwisseling. Indien deze reactieve radicalen niet direct en afdoende worden geëlimineerd in de cel kan afbraak optreden van fysiologisch belangrijke verbindingen zoals eiwitten en DNA-moleculen. De schadeproducten die ontstaan bij oxidatie van deze moleculen kunnen aanleiding geven tot een verstoring van de stofwisseling en, als gevolg daarvan, tot ziekteprocessen.

Volgens een aantal theorien spelen oxidatiereacties een belangrijke rol in het beginstadium zijn van atherosclerose (aderverkalking). Sigarettenrook bevat grote hoeveelheden radicalen en roken resulteert in een verhoogde kans op schadelijke effecten van deze deeltjes. Bij longkanker, maar ook bij andere longaandoeningen, spelen vergelijkbare processen mogelijk een rol. Dit geldt ook voor ziekten zoals cataract, macula degenerati en diabetes.

Onderzoek doet vermoeden dat een hoog gehalte aan antioxidantvitaminen in de weefsels, bescherming zou kunnen bieden tegen onder andere hart- en vaatziekten, genoemde oogaandoeningen en bepaalde vormen van kanker.

De aanwijzingen zijn wat betreft hart- en vaatziekten het sterkst voor vitamine E waarbij evenwel moet worden gesignaleerd dat dit mogelijk beschermend effect met name wordt gevonden in studies waarin zeer hoge doseringen (meer dan 100 mg tocoferol equivalenten/dag) via supplementen werden toegepast. Hoewel dergelijke aanwijzingen ook zijn gevonden voor beta-caroteen (met name bij rokers) en voor vitamine C is het definitieve bewijs nog niet geleverd. Op basis van recente studies lijkt men te kunnen concluderen dat beta-caroteen niet effectief is bij het voorkomen van longkanker bij rokers. Er werd in deze studies zelfs een negatief effect van beta-caroteensuppletie gevonden. Dit geeft aan dat we voorzichtig moeten zijn bij de interpretatie van resultaten van onderzoek, maar dat we ons ook vragen moeten blijven stellen omtrent de veiligheid van vitaminesupplementen.